donderdag 26 januari 2012

Ideaalbeeld is een kompas



Verwachting… De eerste keer dat ik me bewust bezig hield met verwachtingen, was toen ik in verwachting was van onze oudste zoon. En juist wanneer dat in verwachting genoemd wordt, had ik juist helemaal geen verwachtingen, alleen maar hoop. Hoop op een gezond kindje. Het zou, wat mij betreft toen, veel beter in afwachting genoemd kunnen worden. In afwachting van de geboorte van een baby. Hoewel dat misschien wel weer iets te passief klinkt… Dat ik wel degelijk verwachtingen koesterde, tja, dat werd me later pas duidelijk. Verwachtingen hangen heel duidelijk samen met ideaalbeelden, waardoor we toch heel vaak teleurgesteld moeten worden, want idealen zijn slechts heel zelden bereikbaar. Het betrof verwachtingen en ideaalbeelden over opvoeding, over gezin, over mezelf.

Nu hebben wij twee schatten van zonen op ons pad gekregen. Beiden vol goede eigenschappen en kwaliteiten, beiden heel zachtaardig. Alleen hun ontwikkeling is iets anders dan die van ‘normale’ kinderen. Wij hebben twee zonen met een pluspakketje : een autistisch spectrum ‘stoornis’ en ADHD. En ik zeg pluspakketje, zet ‘normaal’ en ‘stoornis’ tussen aanhalingstekens, omdat ik inmiddels zoveel ervaring opgedaan heb met ASS en ADHD, niet alleen met mijn eigen kinderen, dat ik ervan overtuigd ben, dat deze kinderen spiritueel begeleiders zijn om de mens voor te bereiden op een toekomst in een andere bewustzijnsdimensie. En daar hebben we nu net het euveltje, waarom mensen met deze etiketjes opvallen in onze huidige maatschappij. Deze kinderen komen niet voor niets op je ouderlijk pad en wij komen niet voor niets op hun levenspad.

Toen onze oudste, toen op nog jonge leeftijd en voor mij nog handzame grootte, mij begon te slaan, schoppen, en bijten wanneer hij zijn zin niet kreeg, kreeg ik vaak opmerkingen te horen als ‘het zou de mijne niet moeten wezen!’ Dit gedrag moest ik als ouder toch absoluut niet accepteren. Suggesties als een stevige pedagogische tik, ‘alle hoeken van de kamer laten zien’, flinke straffen uitdelen, waren aan de orde van de dag. Ook goedbedoelde opvoedingsadviezen kwamen ons vaak ter ore. Waar het allemaal op neer kwam, was dat wij als ouders tekort zouden schieten in de opvoeding en we moesten onze kinderen maar eens ‘leren luisteren!.

Nu weet iedere ouder van kinderen met ASS/ADHD dat dit alles niets te maken heeft met opvoeding. Het ene kind trekt zich helemaal terug in zijn schulp, zegt helemaal niets en gaat bijvoorbeeld zitten wiegen of trekt zich terug en gaat een eentonig geluid maken met zijn handen op de oren om maar niets meer mee te krijgen van zijn omgeving wat hij niet kan handelen, het andere kind wordt agressief. Zo heeft ieder kind een eigen reactie op dingen die in zijn of haar dagelijks leven gebeuren. Herhaald agressief gedrag komt in dit geval niet omdat het kind agressief van aard is, maar komt voort uit een paniekreactie. Vaak draait het om schakelen. Het kind heeft bijvoorbeeld een voornemen in het hoofd (wil bijvoorbeeld gaan computeren of wil gaan fietsen) en daar moet iets in veranderd worden (misschien komt er visite met een kind dat juist helemaal niet wil computeren en verwachten de ouders of het andere kind dat ze samen gaan spelen, of het gaat stortregenen waardoor fietsen niet meer in aanmerking komt). Het kind moet dan schakelen en iets anders in zijn hoofd gaan zetten dan het voorheen had. (Hij zou misschien in z’n uppie gaan zitten computeren en het andere kind totaal negeren of misschien zelfs in de stortregen zijn fiets pakken en voor zijn voorgenomen ‘lol’ toch zijn rondje gaan fietsen. Wat dan natuurlijk alsnog een boze bui op kan leveren, omdat de lol er wel vanaf is en hij daarna waarschijnlijk andere kleren aan moet trekken van zijn ouders, wat weer een nieuw schakelmoment oplevert en het kind net zo lief kletsnat zijn kleren aanhoudt.) 

Op de eerste plaats is het voor het kind zelf al lastig zijn aandacht bij één bezigheid te houden, wordt snel afgeleid en wanneer het kind niet kan schakelen of slechts moeizaam kan schakelen, dan raakt het zijn overzicht helemaal kwijt, moet oude zaken loslaten en nieuwe zaken als het ware implanteren en laten wortelen en heeft daar moeite mee. Bovendien komen veel veranderingen van buiten hemzelf. Grote kans dat een kind in de paniek schiet en de ander de schuld geeft van zijn paniek. Vandaar het terugtrekken (bij zogenaamd internaliserend, naar binnen gericht, gedrag) of de aanvallen (bij zogenaamd externaliserend, naar buiten gericht, gedrag). Kleine kinderen kunnen, in het laatste geval, daarbij gaan slaan, schoppen of bijten, grotere kinderen gaan daarvoor in de plaats, of daarbij, verbaal tekeer. Het enige wat je als ouder kunt doen is proberen je kind duidelijk te maken dat hij moeite heeft met schakelen, uitleggen hoe dat dan werkt, in praktische situaties hem erop attenderen dat dat weer zo’n schakelmoment is, oefenen en hem helpen nieuwe dingen te implanteren en te laten wortelen. Je snapt dat dit proces van begeleiding zeer intensief is en juist in de puberteit, wanneer ze zich tegen hun ouders gaan verzetten, een lastige zaak is. Bedenk maar eens hoe vaak je, binnen een ‘gewoon’ gezin, zelf aan het schakelen bent op een dag… Bedenk zelf maar eens hoe moeilijk het is, wanneer we oude ingesleten gewoontepatronen willen veranderen en nieuwe dingen aan willen leren. Deze kinderen doen dat als het ware meermaals per dag. Daarvoor moet je naar jezelf kunnen kijken en begrijpen hoe je in elkaar zit en functioneert. Nou, petje af! We verwachten nogal wat van hen!

Je hebt nu misschien een beeld van een klein stukje van de combi ASS/ADHD. In onze maatschappij zijn wij vooral gericht op prestatie en eindresultaat. Je snapt dat een gezin met twee kinderen met dit pluspakketje, ons gezin, heel andere normen en waarden hanteert, dan vele anderen. Ik heb me geleerd te richten op het groei- en ontwikkelingsproces, veel minder op ideaalbeelden,  verwachtingen en eindresultaat, omdat ik geleerd heb dat deze niet het belangrijkste zijn. Ik ben gaan beseffen dat ideaalbeelden en verwachtingen niets anders zijn dan richtingen die je uitstippelt, geen noodzakelijk einddoel. Ze zijn slechts hulpmiddel, geen doel op zich.

Maar op bijna dagelijkse basis had ik natuurlijk wel te maken met die maatschappelijke normen en waarden, met die maatschappelijke idealen en verwachtingen. De opmerkingen, hoe goed bedoeld ook, de kritiek en de verwijten deden pijn. Zeker rondom de ‘vrijwillige’ uithuisplaatsing van onze beide kinderen een paar jaar na elkaar. Zelfs opmerkingen van vreemden kunnen dan diep raken. ‘Dat zegt toch meer over de ouders dan over de kinderen!’ Waarom? Omdat ik het gevoel van falen mezelf al genoeg ingepeperd had? Omdat ik, ondanks alle door hulpverlening geprezen pedagogische kwaliteiten, toch niet in staat was mijn kinderen te geven wat ze nodig hadden? Omdat ikzelf misschien toch ook zo graag zou willen voldoen aan de maatschappelijke uitgangspunten? Omdat ik eigenlijk stiekem van binnen toch ook zo graag wilde voldoen aan die idealen en verwachtingen? Ja beslist! ‘Je moet daarboven staan,’ hoorde ik wel eens van lotgenoten. ‘Ze weten niet waar ze over praten! Het zou juist egoïstisch zijn de kinderen thuis te willen houden, dit is voor hun ontwikkeling het beste!’ Het is geen kwestie van ergens boven staan. Het is een kwestie van acceptatie, acceptatie van onze eigen situatie. Vervang verwachting door acceptatie en je krijgt een bewustwordingsproces op je bordje. Het geeft een veel ruimere kijk op het leven. Het nastreven van idealen en de verwachting dat je daaraan kunt voldoen vernauwt je blikveld, maakt dat je vatbaar bent voor oordelen, door jezelf en door anderen, en zorgt ervoor dat je vele kostbare momenten verloren laat gaan, omdat ze als vanzelfsprekend in het proces naar het eindresultaat thuishoren. Maar neem van mij aan, dat niets vanzelfsprekend is en dat wanneer je zoon op 12 jarige leeftijd ‘eindelijk’ zijn veters zelf kan strikken, dat een supermooi feestelijk moment kan zijn, waarbij de trots van me afdroop. We zijn weer een stapje verder… naar wat? Ja, naar dat ideaalbeeld, maar het is slechts onze richtingaanwijzer, de weg ernaartoe kan recht en direct zijn met oogkleppen op, de weg ernaartoe kan kronkelend alle aspecten van het levenspad laten zien in alle geuren en kleuren…


Gepubliceerd in Spiritueel Enzo


maandag 16 januari 2012

Mandala-tekenen en Spiritualiteit



Dat mandala-tekenen voor veel mensen een verdieping van spirituele ervaringen betekent moge duidelijk zijn. Ervaren mandala-tekenaars kennen veelal wel de mandala's die bepaalde energieën in de toeschouwer of maker activeren, zoals Chakra-mandala's of Yantra's. Want wanneer we mandala's bekijken kunnen we de energie ervaren, die erin gebracht is. Het gebruik van bepaalde vormen, kleuren, symbolen, etc. zijn vaak te verklaren en brengen bepaalde energieën bij ons binnen. Ook compositie kan ons veel vertellen. Wat mijn ervaring mij en intussen velen van mijn cursisten en cliënten geleerd heeft, is dat het tekenproces op zich ons veel kan vertellen over wie wij zijn, hoe wij functioneren in het leven, hoe wij ons in ons dagelijks leven gedragen. Dit kan heel confronterend zijn, omdat wij opgegroeid zijn in een westerse resultaatgerichte maatschappij, waarbij de weg naar ons eindresultaat niet zo belangrijk lijkt te zijn als het eindresultaat zelf en natuurlijk omdat wij aan den lijve ervaren hoe wij zijn, iets waar wij ons zelf lang niet altijd even bewust van zijn. Het tekenproces kan ons leren bewust naar onszelf te kijken.

En wat is spiritualiteit nu eigenlijk? Als we zo wat rondneuzen via google zien we eigenlijk 3 soorten beschrijvingen:


  1. Het ervaren van een goddelijkheid die alles en iedereen doordrenkt en doet ontwikkelen. We bekijken de spiritualiteit dus meer als iets van buiten dat in ons doordringt en ons en alles om ons heen, alle leven, schept.
  2. Het ervaren van een goddelijke vonk in ieder levend wezen, in onszelf, die in wezen gelijk is aan de goddelijke geest die we hierboven zagen, een scheppende kracht, in onszelf. We zouden spiritualiteit in die zin dus meer beleven als iets dat van binnen komt.
  3. Vanuit een holistische kijk verenigen we punt 1 en 2 met elkaar, een kijk op spiritualiteit die mij persoonlijk meer aanspreekt.


Spiritualiteit in het dagelijks leven betekent voor mij dat ik die goddelijke vonk, het scheppende element, in mezelf kan ervaren in de dingen die ik doe, niet alleen in het mandala-tekenen, het scheppen van mijn tekeningen, maar ook in het scheppen van mijn leven. Ik ben als mens geboren, heb een mensenjasje gekregen waar ik het in dit leven mee mag doen. Welk mensenjasje ik heb gekozen en gekregen, hangt helemaal af van de levenslessen, het levensdoel, dat ik in dit leven mag volbrengen. Levenslessen en een levensdoel waar ik ooit, voor mijn geboorte als mens, in de Zielenwereld, de Lichtwereld, de wereld van God, voor gekozen heb, om inzichten te ontwikkelen die ik in de Zielenwereld niet kan ontwikkelen, om ervaringen op te doen die ik in de Zielenwereld niet kan opdoen, omdat ik daar geen stoffelijk omhulsel met bijbehorende gevoelens en emoties heb.

Het mandala-tekenen en -kleuren laat me bewust worden van wie ik ben, laat me vooral voelen. Ben ik iemand, die moeite heeft met het maken van keuzes en waardoor dan? Ben ik iemand die rationeel in elkaar zit en zo ja, hoe dan? Ben ik iemand die alle stappen naar een eindresultaat zorgvuldig voorbereidt, zodat ik precies weet waar ik aan toe ben en weet waar ik naartoe werk? Of ben ik iemand die maar ziet wat ervan komt? Ben ik meer een gevoelsmens? Maakt me dat ook impulsief, of ben ik toch iets meer doordacht en geef ik de ratio de ruimte om impulsen te beheersen en mijn gevoel op onderbouwde wijze te volgen? Kortom: hoe zit ik eigenlijk in elkaar?

Dit kun je allemaal ontdekken tijdens het teken- en kleurproces en kun je niet altijd aflezen aan het eindresultaat. Iemand kan een perfecte cirkel tekenen uit de hand, omdat hij of zij heel doordacht, voorzichtig heeft getekend, of omdat hij/zij een gevoelsmens is met enorm veel tekenervaring en motorisch meer vaardigheid heeft, of vanuit welke andere achtergrond dan ook, die een rol in het proces speelt. Door de resultaatgerichtheid van onze Westerse maatschappij, kijken wij eerder naar het eindprodukt, dan naar het groeiproces.

Mandala-tekenen kan ons confronteren met onze eigen idealen en hoe wij daaraan vast willen houden. Mandala-tekenen kan ons confronteren met onze zelfkritiek. Mandala-tekenen kan ons confronteren met ons perfectionisme. En met nog veel meer! Met onze gewoontepatronen! Nu klinkt dat mandala-tekenen opeens niet zo leuk meer! Want je laten confronteren met je minpuntjes, zoals wij dit dan voelen, als negatieve ervaringen, is toch niet zo leuk? Of kunnen we daar ook anders naar kijken? Waarom voelen wij dit als iets negatiefs? Omdat wij waarden en normen hanteren, vaak maatschappelijke, menselijke, waarden en normen. Wanneer wij ons gaan beseffen dat het ook niets meer zijn dan als negatief gevoelde ervaringen, dan kunnen wij de zaken anders gaan bekijken, in een groter perspectief van ons leven bekijken, in een grotere context, in één lijn met onze weg naar ons levensdoel. Dan is dit alles niet zo confronterend meer, maar een mogelijkheid om ons inzicht en Bewust Zijn te vergroten, zodat wij op positieve wijze hiermee om kunnen gaan en kunnen groeien, een spirituele ontwikkeling kunnen ervaren. Dan krijgen die als negatief gevoelde ervaringen een heel andere betekenis en worden ze ineens heel positief! Omdat wij een positief vervolg geven aan onze ervaringen!

Want mandala-tekenen is tenslotte op de eerste plaats iets leuks om mee bezig te zijn, rust brengend en ontspannend en misschien willen we niet altijd Bewust Zijn van de lessen die het ons kan leren, willen we 'gewoon' tekenen... en de energie van de mandala tot ons door laten dringen... Dat is ook spiritualiteit... onze innerlijke goddelijke vonk die ons het scheppende vermogen geeft mooie dingen tot stand te brengen! Dan hoef je niet alles te verklaren, laat het gewoon ZIJN!

Vreemd hè, hoe confrontatie en negatieve ervaringen veel woorden en uitleg nodig lijken te hebben en fijne dingen zo weinig woorden behoeven... Of toch niet?